Lectuur van Lacans achtste seminarie “Le transfert”

Pat Jacops & Filip Kolen

Lacan vangt zijn seminarie over de overdracht aan met de grondige lectuur van een tekst over de liefde: Plato’s Symposium. Deze tekst beschrijft een banket waarop de aanwezigen om beurt een lofrede over de liefde bezingen. Op het einde krijgen we echter een onverwachte wending: Alcibiades verschijnt ten tonele en bezingt niet zozeer de liefde, dan wel Socrates. De liefde verschijnt hier met andere woorden in actu. In deze plotse wending onderscheidt Lacan twee zaken. Enerzijds beschrijft hij de functie van het agalma, het verborgen (partieel) object van verlangen dat we in de ander zoeken en in Alcibiades’ beschrijving van Socrates verschijnt. Anderzijds geeft Lacan aan dat Socrates Alcibiades een antwoord schuldig moet blijven wanneer hem om een teken van zijn liefde wordt verzocht. Op dat punt hebben wij onze werktuigen het eerste jaar neergelegd.

Vorig jaar hervatten wij onze lectuur met het tweede deel, dat als titel draagt: “Het object van verlangen en de dialectiek van de catsratie”. Lacan verlaat hier het veld van de filosofie en richt zich uitdrukkelijk tot de kliniek. Hierbij polariseert hij de twee termen die hij in het eerste deel heeft onderscheiden. Tegenover het agalma, het objet précieuxdat wij in de ander zoeken, plaatst Lacan de vraag: “Y a-t-il un désir qui soit vraiment ta volonté?” – en hoe kan men dat verlangen dan betekenen? Om op deze vraag een antwoord te formuleren ondervraagt Lacan op zeer methodische wijze de functie van het object binnen het fantasma van de hysterie en de dwangneurose. Tegelijk werkt hij de vraag uit naar de betekenaar van het verlangen, Φ. Bestaat er zoiets als een eigen verlangen en kan men dat wel betekenen? Wat is het statuut van het teken van liefde waar Alcibiades zo naar hunkert en dat Socrates weigert te geven? Bestaat er zoiets als een betekenaar voor het verlangen?

We hebben besloten nog een laatste en derde jaar aan dit seminarie te werken en zullen starten met de commentaar van Lacan op de tragische cyclus in Claudels trilogie L’Otage, Le pain dur en Le Père humilié. Lacan zal zijn commentaar op deze hedendaagse variant op de Oedipusmythe aanwenden om verder in te gaan op de plaats van de analyticus in de overdrachtsrelatie. Welke plaats wordt hem door de analysant gegeven en welke plaats zal hij zelf innemen?  Hoe wordt de analyticus zelf in zijn wezen geraakt tijdens de overdrachtssituatie en wat moet hij “zijn” om de overdracht van antwoord te dienen?  Opnieuw zal Lacan hier de overdracht denken vanuit de analyticus, vanuit de plaats die hij bekleedt in het verlangen van de analysant en vanuit de positie die hij zelf als verlangend wezen inneemt.

Ons seminarie kan gezien worden als een Symposium: we nodigen iedereen die dat wenst uit tot spreken. Wars van elke dogmatische invulling van wat Lacan ons probeert te vertellen, trachten wij zo tot een gezamelijke lectuur te komen. De kliniek krijgt hierbij een centrale plaats. Zoals elk jaar is het immers onze bedoeling Lacans conceptuele denkwerk in verband te brengen met de praktijk. En ofschoon dit jaar een verderzetting is van de arbeid die wij de twee vorige jaren hebben verricht, kan elkeen die dat wenst nog steeds aansluiten!


Waar?

PC Gent-Sleidinge
Fratersplein 9
9000 Gent
(locatie St-Jan De Deo, Lieven Bauwenszaal)


Wanneer?

Zeven donderdagavonden van 20u00 tot 22u00

  • 24 oktober 2019
  • 24 oktober 2019
  • 21 november 2019
  • 19 december 2019
  • 23 januari 2020
  • 20 februari 2020
  • 26 maart 2020
  • 23 april 2020


Inschrijven